Deel 8
Votes: 70
Zonder enig geluid loopt Kai verder. Hij is geruisloos het gebouw ingegaan, zonder ontdekt te worden. Het is makkelijker gezegd dan gedaan, om je te camoufleren en via het raam naar binnen te sluipen. Kai heeft wel vaker zulke missies vervuld, gebouwen van de vijand binnendringen en waardevolle informatie te stelen.
Er brand nog licht in de hoogste toren. Geruisloos sluipt Kai naar binnen probeert het gesprek op te vangen.
“….gevaarlijk spul!”,
“Precies, als mensen dit eens zouden zien..”,
“Jongens, alles is onder controle, hier hebben jullie geld. En mondje dicht, anders is het voor jullie gevaarlijk.”, klinkt een bekende stem.
Heel voorzichtig opent Kai de deur op een kier. Het moet stil en geruisloos gebeuren, anders hebben mensen het door. Het is gouverneur Michael. Kai ziet dat Michael de 2 soldaten hun ‘beloning’ geven en de soldaten maken zich klaar om te vertrekken. In een fractie van een seconde weet hij zich te verbergen. De duisternis van de nacht helpt Kai hierbij en de soldaten lopen langs hem heen. De soldaten hebben geluk, Kai had zijn wapens al gereed voor het geval hij zo zou moeten gebruiken. Binnen een fractie van een seconde de 2 soldaten uitschakelen zonder veel geluid is mogelijk bij Kai en hij zal niet schromen om het te gebruiken. Snel gaat Kai terug en opent hij de deur geruisloos op een kier. Michael is alleen.
Kai sluipt naar binnen en laat de deur hard achter zich dicht knallen. De gouverneur schrikt op en kijkt om. Hij ziet een gestalte van een man, dat was het laatste wat hij kon zien. Kai had binnen een oogwenk de kaarsen gedoofd met zijn zwaard. Het enige licht wat naar binnenkomt, is het licht van de maan en sterren door het raam.
“Wie ben je en wat moet je?”, vraagt Michael geschrokken.
Kai zegt niets en loopt richting het raam. Hij grijpt onder zijn kleding een gouden plak tevoorschijn.
“Het teken van de Keizer!”, schreeuwt Michael eruit en knielt gelijk neer voor Kai.
“Heil aan de Keizer!”
Kai verbergt gauw zijn gouden plak: “Vertel mij hoe je aan deze boeken bent gekomen.”
“Zijne excellentie. Deze boeken zijn niet van mij!”, schreeuwt Michael met doodsangst uit.
“Zwijg!”, Roept Kai eruit: “Ook al zijn die boeken niet van jouw, het is duidelijk dat jij met de vijand heult!”
“Zijne excellentie!” Roept Michael eruit: “waarom zou ik met de vijand heulen? Wat heb ik verkeerd gedaan”
“Deze boeken zijn niet door de overheid gedrukt! Dat is zeker, de eerste lading boeken zouden nooit zo snel verwacht worden in dit relatief, net veroverd gebied. Sterker nog, de eerste lading zou volgend planning volgend jaar aankomen. Het is duidelijk dat jij heult met Laurens Janszoon Koster en Johannes Gutenberg!”, Zegt Kai rustig.
“Zijn excellentie! U moet mij geloven, ik heul niet met de vijand. Deze boeken zijn niet van mij, ik wil juist de overheid helpen door deze boeken in beslag te nemen!”, Zegt Michael, hij trilt van angst.
“Leg uit! En owee als je liegt”, Zegt Kai rustig, maar met zeer dreigende toon.
“Zijn excellentie! Johannes Gutenberg en Laurens Janszoon Koster kennen een ander manier van ‘Het kunst van het drukken’. Zij gebruiken ‘Het kunst van het drukken’ om informatie te verspreiden aan mensen. Ze geven gratis de gedrukte werken weg. Ik als gouverneur zijnde heb al een tijdje werk gemaakt om ze te proberen te vangen. Alleen gaan ze zeer sluw te werk. Telkens komen we te laat of telkens waren ze in staat om weg te vluchten. Dit keer waren we achter hun smokkelplaats gekomen, maar ze kregen lucht van onze plannen en gingen halsoverdekop vandoor. Dit smokkelwaar is het enige wat we hebben kunnen vangen. Ik was van plan om dit te verbergen en te rapporteren aan Peking, onze hoofdstad, waar de Keizer zich verblijft.”, legt Michael uit.
“Hoe lang zijn ze al actief?”, Vraagt Kai aan Michael.
“Al heel lang, ze waren al actief toen ik gouverneur benoemt werd.”, Zegt Michael.
“Is goed, sta maar op. Maar als ik ontdekt dat jij loog tegen mij….”, Zegt Kai.
“Ik zou het niet eens durven om tegen een persoon met het Teken van de Keizer te liegen, dat is bijna hetzelfde als tegen de Keizer zelf liegen.”, Zegt Michael en hij staat op.
“Vergelijk me niet met de keizer, ik ben Zijn Goddelijkheid niet!”, Zegt Kai: “In ieder geval goed gedaan door alle smokkelwaar in te nemen, zo kunnen ze hun sekte niet verder uitbreiden. Ik zal de sekte vanaf de wortel uitroeien.”. Zegt Kai.
“Heil aan Zijne excellentie!”, Zegt Michael.
“Dit blijft onder ons, de overheid is al bezig met plannen maken over de bedreiging van Gutenberg en Koster. Doe gewoon jou dingen en laat mij mijn gang gaan.”, Zegt Kai.
“Zijne excellentie, ik zal u helpen en steunen met het achtervolgen van ze. Alleen ik kan u gezicht nog steeds niet zien. Hoe moet ik u helpen of herkennen?”, Zegt Michael.
“jij hoeft niks te doen, doe gewoon je eigen ding en laat de rest aan mij over.”, Zegt Kai: “Heil aan de Zijne Goddelijkheid!”
“Heil aan de keizer!”, Schreeuwt Michael en binnen een oogwenk is Kai verdwenen.
Kai wandelt weer terug het bos in. Hij kijkt omhoog in de sterrenhemel. Er is een grijns op zijn gezicht te zien. Niets is makkelijker om mensen bang te maken. In angst zullen mensen de waarheid verklappen. Gezien de angst die Michael uitstraalt gelooft Kai de woorden van Michael. Toch is het beter dat hij zijn gezicht niet ziet, hoe minder mensen weten dat Kai hier is, hoe beter het is om zijn missie te vervullen. Kai heeft nu de informatie die hij wilt. Kai weet dat Gutenberg en Koster hier ergens zich schuilhouden en hun gevaarlijk sekte aan het uitbreiden zijn. Kai is een stapje dichter gekomen bij zijn doel. Met tevreden gezicht besluit hij terug te gaan naar zijn verblijfplaats: de boerderij met aparte, maar toch aangename mensen.
Er brand nog licht in de hoogste toren. Geruisloos sluipt Kai naar binnen probeert het gesprek op te vangen.
“….gevaarlijk spul!”,
“Precies, als mensen dit eens zouden zien..”,
“Jongens, alles is onder controle, hier hebben jullie geld. En mondje dicht, anders is het voor jullie gevaarlijk.”, klinkt een bekende stem.
Heel voorzichtig opent Kai de deur op een kier. Het moet stil en geruisloos gebeuren, anders hebben mensen het door. Het is gouverneur Michael. Kai ziet dat Michael de 2 soldaten hun ‘beloning’ geven en de soldaten maken zich klaar om te vertrekken. In een fractie van een seconde weet hij zich te verbergen. De duisternis van de nacht helpt Kai hierbij en de soldaten lopen langs hem heen. De soldaten hebben geluk, Kai had zijn wapens al gereed voor het geval hij zo zou moeten gebruiken. Binnen een fractie van een seconde de 2 soldaten uitschakelen zonder veel geluid is mogelijk bij Kai en hij zal niet schromen om het te gebruiken. Snel gaat Kai terug en opent hij de deur geruisloos op een kier. Michael is alleen.
Kai sluipt naar binnen en laat de deur hard achter zich dicht knallen. De gouverneur schrikt op en kijkt om. Hij ziet een gestalte van een man, dat was het laatste wat hij kon zien. Kai had binnen een oogwenk de kaarsen gedoofd met zijn zwaard. Het enige licht wat naar binnenkomt, is het licht van de maan en sterren door het raam.
“Wie ben je en wat moet je?”, vraagt Michael geschrokken.
Kai zegt niets en loopt richting het raam. Hij grijpt onder zijn kleding een gouden plak tevoorschijn.
“Het teken van de Keizer!”, schreeuwt Michael eruit en knielt gelijk neer voor Kai.
“Heil aan de Keizer!”
Kai verbergt gauw zijn gouden plak: “Vertel mij hoe je aan deze boeken bent gekomen.”
“Zijne excellentie. Deze boeken zijn niet van mij!”, schreeuwt Michael met doodsangst uit.
“Zwijg!”, Roept Kai eruit: “Ook al zijn die boeken niet van jouw, het is duidelijk dat jij met de vijand heult!”
“Zijne excellentie!” Roept Michael eruit: “waarom zou ik met de vijand heulen? Wat heb ik verkeerd gedaan”
“Deze boeken zijn niet door de overheid gedrukt! Dat is zeker, de eerste lading boeken zouden nooit zo snel verwacht worden in dit relatief, net veroverd gebied. Sterker nog, de eerste lading zou volgend planning volgend jaar aankomen. Het is duidelijk dat jij heult met Laurens Janszoon Koster en Johannes Gutenberg!”, Zegt Kai rustig.
“Zijn excellentie! U moet mij geloven, ik heul niet met de vijand. Deze boeken zijn niet van mij, ik wil juist de overheid helpen door deze boeken in beslag te nemen!”, Zegt Michael, hij trilt van angst.
“Leg uit! En owee als je liegt”, Zegt Kai rustig, maar met zeer dreigende toon.
“Zijn excellentie! Johannes Gutenberg en Laurens Janszoon Koster kennen een ander manier van ‘Het kunst van het drukken’. Zij gebruiken ‘Het kunst van het drukken’ om informatie te verspreiden aan mensen. Ze geven gratis de gedrukte werken weg. Ik als gouverneur zijnde heb al een tijdje werk gemaakt om ze te proberen te vangen. Alleen gaan ze zeer sluw te werk. Telkens komen we te laat of telkens waren ze in staat om weg te vluchten. Dit keer waren we achter hun smokkelplaats gekomen, maar ze kregen lucht van onze plannen en gingen halsoverdekop vandoor. Dit smokkelwaar is het enige wat we hebben kunnen vangen. Ik was van plan om dit te verbergen en te rapporteren aan Peking, onze hoofdstad, waar de Keizer zich verblijft.”, legt Michael uit.
“Hoe lang zijn ze al actief?”, Vraagt Kai aan Michael.
“Al heel lang, ze waren al actief toen ik gouverneur benoemt werd.”, Zegt Michael.
“Is goed, sta maar op. Maar als ik ontdekt dat jij loog tegen mij….”, Zegt Kai.
“Ik zou het niet eens durven om tegen een persoon met het Teken van de Keizer te liegen, dat is bijna hetzelfde als tegen de Keizer zelf liegen.”, Zegt Michael en hij staat op.
“Vergelijk me niet met de keizer, ik ben Zijn Goddelijkheid niet!”, Zegt Kai: “In ieder geval goed gedaan door alle smokkelwaar in te nemen, zo kunnen ze hun sekte niet verder uitbreiden. Ik zal de sekte vanaf de wortel uitroeien.”. Zegt Kai.
“Heil aan Zijne excellentie!”, Zegt Michael.
“Dit blijft onder ons, de overheid is al bezig met plannen maken over de bedreiging van Gutenberg en Koster. Doe gewoon jou dingen en laat mij mijn gang gaan.”, Zegt Kai.
“Zijne excellentie, ik zal u helpen en steunen met het achtervolgen van ze. Alleen ik kan u gezicht nog steeds niet zien. Hoe moet ik u helpen of herkennen?”, Zegt Michael.
“jij hoeft niks te doen, doe gewoon je eigen ding en laat de rest aan mij over.”, Zegt Kai: “Heil aan de Zijne Goddelijkheid!”
“Heil aan de keizer!”, Schreeuwt Michael en binnen een oogwenk is Kai verdwenen.
Kai wandelt weer terug het bos in. Hij kijkt omhoog in de sterrenhemel. Er is een grijns op zijn gezicht te zien. Niets is makkelijker om mensen bang te maken. In angst zullen mensen de waarheid verklappen. Gezien de angst die Michael uitstraalt gelooft Kai de woorden van Michael. Toch is het beter dat hij zijn gezicht niet ziet, hoe minder mensen weten dat Kai hier is, hoe beter het is om zijn missie te vervullen. Kai heeft nu de informatie die hij wilt. Kai weet dat Gutenberg en Koster hier ergens zich schuilhouden en hun gevaarlijk sekte aan het uitbreiden zijn. Kai is een stapje dichter gekomen bij zijn doel. Met tevreden gezicht besluit hij terug te gaan naar zijn verblijfplaats: de boerderij met aparte, maar toch aangename mensen.

Posts: 2
Reply #2 on : Fri December 18, 2009, 22:02:56